Verkiezingsprogramma BBB

Centraal in het BBB-programma staat een eerlijk verhaal over voedselproductie in Nederland. Eerlijk voedsel kort gezegd. Uitgangspunt is het bestaansrecht van de Nederlandse voedselmakers. Want als we zo doorgaan, dan komt de dag dat de laatste boer hier het licht uit doet. En wat hebben we dan als alternatief?

Niet alleen zal voedsel worden geïmporteerd uit landen waarvan we niet weten hoe het voedsel is geproduceerd en wat er allemaal in zit. Daarnaast zal het verdwijnen van de boeren uit ons landschap grote gevolgen hebben. Voor de economie, voor de werkgelegenheid, voor het landschap, voor de natuur, voor de bodem, voor de sociale cohesie en leefbaarheid op het platteland. Dat wil niemand. Dus de tijd was nooit rijper om nú in Den Haag het verschil te gaan maken. Voor boer én burger.

Eerlijk voedsel resulteert kortom in een gezonde bodem, gezonde planten, gezonde dieren, gezonde boeren, gezonde burgers, een gezonde economie, gezond onderwijs en een gezonde maatschappij.

gezonde_bodem

Gezonde bodem

Eerlijk voedsel begint met een gezonde bodem. Boeren en tuinders weten als geen ander dat ze rentmeester zijn van de grond. Een gezonde bodem en een rijk bodemleven is essentieel voor de boer. Het is immers zijn inkomen en hij wil dat de consument veilig en gezond kan eten. Daarnaast wil de boer die bodem doorgeven aan de volgende generatie. Gezonde grond betekent gezonde producten.

Voor een goede balans is het wenselijk om door middel van bemesting de conditie op peil te houden. Uit kringloopoogpunt geschiedt deze bemesting bij voorkeur in de vorm van dierlijke mest en zonodig met gerichte inzet van kunstmest. Van roofbouw op de grond is hierbij geenszins sprake. Door akkerranden in te zetten voor bloemen wordt de bijenpopulatie beschermd, is bestuiving van de gewassen geborgd en wordt de aanwezigheid en ontwikkeling van natuurlijke bestrijders gestimuleerd en gefaciliteerd.

BoerBurgerBeweging zal zich inzetten voor een gezond mestbeleid en zal de maatschappij duidelijk maken dat Mest niet ‘vies’ is, maar essentieel voor de voedselproductie en het bodemleven. De veehouderij speelt hierin een cruciale rol. Want: Geen dier geen gier. Geen boer, geen voer.

Actiepunten

  1. Vruchtbare gronden blijven beschikbaar voor voedselproductie.
  2. We bemesten naar behoefte en zorgen er zo voor dat de planten niet langer ondervoed zijn en de bodem niet uitgeput wordt.
  3. Er komen geen beleidswijzigingen zonder voorafgaande praktijkproeven bij representatieve bedrijven. Meten = Weten
  4. De zeggenschap van voedselproducenten bij de waterschappen blijft behouden om zo de voedselproductie veilig te stellen.
  5. Zoet water is essentieel voor planten, dieren en mensen. De beschikbaarheid en het behoud van zoet water heeft hoge prioriteit.
  6. We voeren een praktisch uitvoerbaar mestbeleid in. Mest uitrijden wordt weersafhankelijk in plaats van kalenderafhankelijk. Bij het Mestbeleid staat het vakmanschap, de kennis en de ervaring van de voedselproducent voorop.
  7. Initiatieven om fosfaat uit menselijke ontlasting te genereren worden bevorderd.
  8. Het gebruik van organische mest wordt bevorderd en daar waar mogelijk gaat het kunstmest vervangen.
  9. Waterbeheer en waterberging hebben voorrang in beleid en uitvoering.
  10. Geborgde zetels bij de waterschappen (natuurorganisaties, bedrijfsleven en boeren) blijven behouden. Het is onwenselijk om alleen politieke agenda’s te laten beslissen over voedselproductie en waterbeheer. Inhoudelijke (hydrologische) kennis en verstand van zaken is van groot belang. Burgers moeten op de kennis van eigenaren van gronden kunnen vertrouwen. Zij begrijpen namelijk de volledige omvang van het watersysteem in

    Nederland en kunnen daarop vanuit kennis sturen.

  11. Noordzee en IJsselmeer worden niet volgezet met windmolens. Windmolens verstoren het ecosysteem.

    Elke boer wil voedsel- of bloemenboer zijn en geen energieboer. Omdat de overheid met zijn wurgende wet- en regelgeving ervoor zorgt dat kostprijs steeds verder oploopt, en niets doet om de opbrengstprijs hoger te laten worden, worden boeren gedwongen andere inkomsten te krijgen. Wind- en zonneparken worden voor boeren en tuinders dan een goed middel om meer inkomsten te krijgen. BBB is niet tegen kleinschalige initiatieven voor wind- en zonne-energie, maar omwonenden moeten wel kunnen meedoen en meeprofiteren. De Nederlandse energieconsument moet zo kunnen profiteren van Nederlands subsidiegeld.

    De overheid moet zorgen voor minder regels en wetten (te beginnen bij het schrappen van het oerwoud aan bureaucratische regelgeving), zodat de kostprijs voor boeren om hun voedsel en bloemen te produceren omlaag gaat en in lijn komt met hun Europese collega’s. Zo houden we voedselboeren en hoeven die geen energieboer te worden.

    Het is waanzin dat via zwaar gesubsidieerde mega zonne- en windparken geld wegvloeit naar energieslurpers als Google en Microsoft. De Nederlandse belastingbetaler betaalt zo de energierekening van miljardenbedrijven. Dit moet stoppen.

    Het stroomnetwerk van de netbeheerders op het platteland moet worden aangepast, zodat boeren en burgers volop de daken kunnen vol leggen met zonnepanelen en ook in staat zijn de energie terug te leveren aan het elektriciteitsnet.

     

  12. Nederland spant zich tot het uiterste in om de pulsvisserij weer mogelijk te maken voor Nederlandse vissers. Pulsvissen is diervriendelijker, milieuvriendelijker en verstoort het bodemleven in zee nauwelijks.
gezonde_bodem
gezonde_planten

Gezonde planten

Gewassen kunnen groeien dankzij mest. Maar gewassen dienen ook beschermd te worden. Ziektes en plagen zijn een risico voor de oogst. Gewasbeschermingsmiddelen worden onterecht ‘landbouwgif’ genoemd. Hiermee wordt gesuggereerd dat de boeren de burgers vergiftigen, de grond doodmaken en insecten vernietigen.

BoerBurgerBeweging zal zich inzetten voor een goed Gewasbeschermingsmiddelen-beleid en zal ervoor zorgen dat het gif-frame wordt bijgesteld. Nergens ter wereld gaan boeren zo zorgvuldig om met GBM als in Nederland. Waar ik, als burger, zonder vergunning en kennis mijn moestuin mag bespuiten met middelen die ik niet ken, mag een boer helemaal niet spuiten als hij geen licentie heeft en geen cursussen heeft gevolgd. Laat staan dat hij de doses mag gebruiken, die ik in mijn tuin wel eens heb gebruikt….

Realiseer je: Noordwest Europa heeft sinds de komst van GBM nooit meer een hongersnood gehad. De burger heeft elke dag goed, veilig, betaalbaar en altijd beschikbaar voedsel op tafel. Door burgers op de juiste manier te informeren over het belang van GBM, zal het draagvlak toenemen. Uiteraard zetten boeren en tuinders daar waar mogelijk middelen met natuurlijke oorsprong en natuurlijke bestrijders in, in plaats van synthetische.

Actiepunten

  1. De emissies en vastlegging van broeikasgassen worden verrekend (dus uitstoot minus vastlegging). Dat is de werkelijke uitstoot.
  2. Het huidige mooie cultuurlandschap op het platteland wordt behouden zodat de teelt van veilig lokaal voedsel gegarandeerd is.
  3. In onze bebouwde ruimte komt meer aandacht voor planten als temperatuurregelaar, producent van zuurstof en voedsel en vestigingsplaats voor vogels, dieren en andere planten.
  4. De kamerplanten komen terug in de Tweede Kamer en alle andere overheidsgebouwen. Voor meer frisse lucht en zuurstof. Dat bevordert gezond verstand.
  5. Sinds we planten beschermen tegen ziekten en plagen met gewasbeschermingsmiddelen hebben we in Europa geen hongersnood meer. De wetenschappelijke onderbouwing van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) bepaalt de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en niet de emotie van de politiek. De politiek wisselt elke vier jaar, dit is geen garantie voor consistent beleid met kennis van zaken.
  6. We zetten bermen, groenstroken en akkerranden in om de insecten- en bijenpopulatie te beschermen. Boeren die hier in investeren worden hiervoor beloond via de prijs van hun producten.
  7. Gras komt in plaats van tuintegels, oases in plaats van kale winkelpleinen. Er komen meer planten, tuinen en stiltebossen in de openbare gebouwen.
  8. We stimuleren het plaatsen van insectenhotels zodat insecten weer terug komen in de stad, dit bevordert ook de terugkomst van vogels.
  9. Het gebruik van beschermingsmiddelen voor zaden wordt toegestaan om plagen en mis-oogsten te voorkomen.
  10. We geven een impuls aan (fundamenteel) onderzoek naar innovatieve teelt- en dierhouderij-systemen. Nieuwe systemen die kostprijsverhogend zijn, worden doorgerekend in de prijs van het voedsel.
  11. We maken precisietechnieken in de landbouw praktijkrijp en stimuleren het gebruik er van. We stimuleren de ontwikkeling van nieuwe moleculen voor gerichte bestrijding van ziekten en plagen.
  12. Voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen gelden voor burgers dezelfde regels als voor boeren.
  13. Bermen en groenstroken in beheer van de overheid, worden op een natuurlijke wijze beheerd. Er wordt alleen gemaaid waar dit strikt noodzakelijk is voor de verkeersveiligheid. We zaaien bermen in met bloemrijke inheemse mengsels.
  14. Ook planten hebben recht op een goed gevulde medicijnkast.
gezonde_planten
gezonde_dieren

Gezonde dieren

Eerlijk voedsel komt voort van gezonde dieren. Minder dieren is niet per se een beter leven. En meer dieren is niet per se een slechter leven. Nieuwe stalsystemen geven meer ruimte aan koeien, varkens en kippen dan ooit tevoren. Dit in tegenstelling tot vroeger, toen koeien in de winterperiode vast stonden aan kettingen en varkens en kippen in donkere, kleine hokken, met weinig ventilatie werden gehuisvest.

Sinds 2009 is het gebruik van antibiotica in de veehouderij met 60 procent afgenomen, de ammoniak- en fijnstofuitstoot zijn sinds 30 jaar geleden met tientallen procenten gedaald. De varkenshouderij bijvoorbeeld reduceerde de ammoniakuitstoot sinds 1990 met 80 procent en fijnstof met 38 procent. Geen enkele sector behaalde zo’n hoge reductie. Gezonde dieren zijn vanzelfsprekend de basis voor veehouders om een inkomen te genereren; veehouders doen er dus alles aan om hun dieren zo gezond mogelijk te houden. Gezonde dieren, betekent gezonde boeren, een gezond inkomen en gezonde burgers.

BBB zal zich inzetten om meer waardering te krijgen voor de inspanningen van de boer en zal zich sterk maken voor een goed verdienmodel voor bovenwettelijke inspanningen. Wij zijn niet tegen nieuwe wet- en regelgeving, maar wel als de boer voor alle kosten moet opdraaien. Wij weten zeker dat burgers best bereid zijn meer te betalen voor hun voedsel. Er wordt nu te gemakkelijk gezegd dat er geen dubbeltje bovenop de prijs kan. Niemand heeft het nog geprobeerd. Wij zullen dit wel doen.

De tijd van Boer Betaal Alles is wat ons betreft voorbij. BoerBurgerBeweging zal zich actief inzetten om de inkoopmacht van de retailers te doorbreken en daarmee een gezonde bedrijfsvoering voor boeren en tuinders mogelijk te maken. In Duitsland kennen ze het Initiatieve Tierwohl. Supermarkten betalen daar mee aan de extra maatregelen die boeren nemen voor dierwelzijn en diergezondheid. Hoezo kan dat niet in Nederland? Wij nemen dit initiatief.

Actiepunten

  1. We voeren een fonds, dat wordt gefinancierd door supermarkten. Uit dit fonds krijgen boeren een vergoeding voor extra (bovenwettelijke) dierwelzijns-, diergezondheids- en milieu inspanningen. Hoe meer inspanningen, hoe hoger de vergoedingen voor de boer.
  2. Er komt geen nieuwe wet- en regelgeving in Nederland en EU op het gebied van dierenwelzijn en diergezondheid als de kosten die de boeren moeten maken, niet in de prijs van de producten is opgenomen.
  3. De wetenschappelijke onderbouwing van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) bepaalt de toelating van ontsmettingsmiddelen en niet de emotie van de politiek. De politiek wisselt elke vier jaar, dit is geen garantie voor consistent beleid met kennis van zaken.
  4. Er komen eenduidige welzijnsregels binnen EU-verband. Met duidelijke communicatie op (middelbare) scholen en via consumentenorganisaties.
  5. Antibioticareductie is een goed streven, maar de zucht naar steeds minder antibiotica-gebruik, mag nooit leiden tot verminderd dierenwelzijn. BBB zal hier scherp op toezien. Dieren moeten – indien noodzakelijk – behandeld kunnen blijven worden met antibiotica.
  6. Het voeren van dieren met minder eiwit, om de stikstofuitstoot te verminderen mag nooit leiden tot minder gezonde dieren. Agrarische belangenbehartigers krijgen de vrijheid om te komen tot een praktisch werkbaar systeem dat goed is voor dieren. Er komt geen verplichte reductie van eiwit in veevoer.
  7. Wanneer je een dood dier in de openbare ruimte vindt, moet je dat makkelijk en gratis kunnen melden om op te laten halen. Zo voorkom je uitbraken en overdracht van besmettelijke ziekten en ga je met respect om met de dieren.
  8. Schademeldingen (als gevolg van bijv. ganzen, wolven en wilde zwijnen) bij het Faunafonds zijn gratis in plaats van honderden euro’s en worden volgens landelijk uniforme regels afgewikkeld.
  9. We handhaven de nulstand van wilde zwijnen buiten aangewezen natuurgebieden. Hiervoor worden voldoende middelen vrijgemaakt zodat er geen overlast is van zwart wild in percelen van boeren en tuinen van burgers.
  10. Een boer mag zelf zijn dierenarts uitzoeken en kan makkelijk van dierenarts wisselen.
  11. In navolging van ziekenhuizen in Noord-Brabant gaan alle ziekenhuizen in Nederland de regels voor mensen die zijn besmet met de veel minder besmettelijke diergerelateerde MSRA’s, ten opzichte van humaan gerelateerde MRSA’s aanpassen aan de huidige kennis van zaken.
  12. We zijn begaan met het welzijn van (landbouw)huisdieren, dus ook van paarden, gezelschaps-dieren en (wilde) dieren in de natuur. Wij regelen een One Welfare benadering door een expertteam.
  13. Er komen extra welzijnsregels bij deze categorieën, als het natuurlijke gedrag wetenschappelijk in het geding is. Extra welzijnsregels dienen te allen tijde uitgelegd te kunnen worden aan consumenten.
  14. Daar waar extra welzijnsregels tot een hogere kostprijs leiden, gaan supermarkten de hogere prijs zonder extra opslag doorrekenen aan de consumenten en daarover eerlijk communiceren.
  15. Er komt extra aandacht voor de positie van gezelschapsdieren in verstedelijkt gebied of de (wilde) dieren in natuurgebieden.
  16. Voor wat betreft het houden van exotische dieren door particulieren komt er een negatief-lijst, met daarop alleen de soorten die:
    • bewezen hebben dat ze ongeschikt zijn om door particulieren gehouden te worden, bijvoorbeeld omdat ze erg gevaarlijk zijn (bijv. katachtigen van > 5kg, apen van > 5kg)
    • bewijsbaar schadelijk kunnen zijn voor de autochtone biodiversiteit (invasieve exoten), daarbij gebruik maken van de Europese lijst voor Invasieve soorten.

Daarnaast gaat de overheid richtlijnen opstellen voor het houden van exotische exoten, zoals die ook in Duitsland bestaan. De overheid moet een goede controle verzorgen, en handhaven met strenge straffen.

gezonde_dieren
gezonde_boeren

Gezonde boeren

Nederlandse boeren en tuinders behoren tot de beste van de wereld. De waardering hiervoor staat echter onder druk door de repeterende negatieve framing. De mediakanalen worden structureel gevoed door organisaties die de veehouderij uit Nederland willen verdrijven en zich hierbij bedienen van verdraaide feiten en misleidende (veelal uit het buitenland afkomstige) beelden. Het gevolg is dat Nederlandse boeren en tuinders zich miskend voelen, waarmee het plezier en de lust om verder te ondernemen en te investeren onder druk staat.

Er is sprake van veel verborgen leed op het platteland, wat spijtig genoeg ook tot uitdrukking komt in het relatief hoge percentage zelfdodingen onder boeren en tuinders. Een van de eerste dingen die wij zullen doen, als we in de Tweede Kamer zitten, is een wetsvoorstel Recht op Landbouw indienen.
Een wet Recht op Landbouw moet het bestaansrecht van de agrarische sector waarborgen in Nederland. “Zo’n wet kan bijvoorbeeld voorkomen dat mensen en organisaties, die geen directe belangen hebben bij uitbreiding of modernisering van wettelijk toegestane boerenbedrijven, jarenlange procedures gaan voeren tegen boeren, alleen maar omdat ze de veehouderijsector willen weghebben

Het indienen van een Wet Recht op Landbouw is ook bedoeld om de legitimiteit van agrarische belangen te versterken en de rechten van boeren te verdedigen. Tevens biedt zo’n wet, in de ogen van BBB, ruimere mogelijkheden om dierenextremisten aan te pakken, die zich schuldig maken aan stalinbraken, stalbezettingen, intimidatie, bedreiging van boeren of andere buitenwettelijke acties. In de wet moeten ook nieuwe strafbare feiten worden opgenomen, zoals ‘aanzetten tot’ of ‘oorzaak van’ stalbezettingen, dierenbevrijdingen of intimidatie van veehouders. Ook wil BBB materiële schade en dierenbevrijdingen strafbaar stellen. “In Australië en Amerika bestaan al soortgelijke wetten. Nederland zal wat ons betreft het eerste land in Europa zijn die zo’n wet ook krijgt.

Actiepunten

  1. Er komt een stabiel, langjarig en betrouwbaar plattelandsbeleid met een looptijd van tientallen jaren waarin is vastgelegd wie welke ruimte krijgt in Nederland.
  2. Nederland krijgt een wet Recht op Landbouw. Deze wet waarborgt het bestaansrecht van boeren, vissers en tuinders in Nederland. Zo wordt voorkomen dat mensen en organisaties, die geen directe belangen hebben bij uitbreiding of modernisering van wettelijk toegestane agrarische bedrijven, jarenlange procedures gaan voeren tegen boeren, alleen maar omdat ze tegen een bepaalde bedrijfstak zijn.
  3. Om voor jonge boeren bedrijfsopvolging mogelijk te maken, en zo de toekomstige voedsel-productie in Nederland veilig te stellen, worden extra gelden en fiscale voordelen beschik-baar gesteld. De mogelijkheden dienen zo ingericht te zijn dat jonge boeren gemakkelijk gebruik kunnen maken van en toegang hebben tot de regelingen, in plaats van dat ze tegen een woud van regels en bureaucratie aanlopen. Het plattelandsbeleid wordt opgesteld samen met de agrarische sector, plattelandsbewoners, bedrijfsleven en wetenschappers.
  4. Er komt geen nieuwe wet- en regelgeving als de extra kosten die de boer hiervoor moet maken, niet in de prijs van de producten wordt opgenomen.
  5. Overheidsuitingen en -campagnes omtrent voedselproductie en voedselconsumptie worden eerst getoetst op waarheid en feiten.
  6. Er komt een structurele campagne, gefinancierd door de overheid, om consumenten te stimuleren in Nederland geproduceerd voedsel te kopen.
  7. Er komen voldoende gelden beschikbaar voor toegepast onderzoek en praktijkonderzoek voor land- en tuinbouw in verschillende regio’s van het land.
  8. Overheidssubsidies aan organisaties die bepaalde voedselproducten willen weren van het menu worden stopgezet. Een burger kan zelf wel bepalen wat hij/zij eet.
  9. De komst van nieuwe burgerwoningen in het agrarisch buitengebied leiden nooit tot beperkingen voor de bedrijfsvoering van de agrarische sector. Wonen in het buitengebied betekent erkennen en accepteren dat voedselproductie essentieel is en niet beperkt mag worden. Boeren dienen wel rekening te houden met het woongenot van alle inwoners in hun omgeving.
  10. Nieuwe plattelanders krijgen de mogelijkheid om een inboeringscursus te volgen. Deze cursus wordt samen met boeren- en plattelandsorganisaties ontwikkeld en mede-gefinancierd door het ministerie van Platteland. Boeren en burgers leren zo elkaars levenswijzen te respecteren en gaan direct met elkaar in dialoog.

NVWA TARIEVEN

NVWA-tarieven voor keuringen op vleessector en veehouderij worden afgeschaft. Niemand in Nederland betaalt immers voor door de overheid verplichte controles op naleving wet- en regelgeving. Bij een alcoholcontrole krijgt de bestuurder geen factuur voor het blazen, bij een controle door de NVWA op het roken in de horeca krijgt de ondernemer ook geen factuur.

NVWA- BELEID

Ministeries maken beleid. Niet de uitvoerende instanties. NVWA bemoeit zich dan ook niet meer met beleid, maar richt zich alleen nog op de uitvoering van haar kerntaken.

gezonde_boeren
gezonde_burgers

Gezonde burgers

Gezond en gevarieerd voedsel heeft de afgelopen decennia bijgedragen aan een sterk toegenomen gemiddelde leeftijd van mannen en vrouwen in Nederland. Voldoende voedsel is vanzelfsprekend geworden. Burgers weten vaak niet meer waar hun voedsel vandaan komt en hoe de Nederlandse landbouw werkt.

Burgers maken zelf hun keuze over de mate waarin zij dierlijk of plantaardig eten, zonder door deugers te worden bestookt.
Voor in Nederland geproduceerd voedsel gelden strenge regels. Regels op het gebied van voedselveiligheid en regels over dierenwelzijn en milieu. Voor geïmporteerd voedsel moeten dezelfde eisen gelden als voor in Nederland geproduceerd voedsel, anders mag die niet verkocht worden aan de consument.

We gaan in Nederland dus niet consumeren, wat we zelf hier niet mogen produceren. Internationale handelsverdragen die ruimte bieden aan producten die niet aan de Nederlandse kwaliteitsstandaard voldoen, zijn niet welkom in Nederland. BBB is niet tegen handel, maar een gelijk speelveld is de minimale eis.

Actiepunten

  1. We moeten onder ogen zien dat virussen en dus ook Covid-19 altijd blijven, zoals griep ook onderdeel is geworden van ons leven. Op basis van dit uitgangspunt moet het Kabinet handelen. Een langetermijnbeleid ontwikkelen die recht doet aan de vrijheid, de gezondheid en de sociale binding tussen mensen in Nederland.

    Het Kabinet ontwikkelt z.s.m. een langjarige visie op een maatschappij mét Covid-19. Tussen-tijds maatregelen nemen en dan weer afschalen geeft grote onzekerheid, onrust en onduide-lijkheid, ontneemt vrijheden en is slecht voor de economie. Opschaling van de zorg voor onderzoek naar en behandeling tegen virussen is essentieel.

    Bescherming van personeel in verpleegtehuizen, zorgcentra, ziekenhuizen, etc. heeft in het langjarige beleid de hoogste prioriteit. Dit geldt niet alleen voor zorgpersoneel, maar ook voor schoonmaakpersoneel.

    De plicht of een advies om mondkapjes te dragen wordt niet overgelaten aan de onder-nemers. Het Kabinet dient al dan niet een mondkapjesplicht (in de publieke ruimte) af te kondigen. Dit afschuiven op individuele ondernemers is laf, onverantwoord en onveilig. Ondernemers worden op deze manier mogelijk blootgesteld aan agressie en geweld door mensen die niet aan een individueel mondkapjesadvies willen voldoen. Om nog maar niet te spreken van de on-handhaafbaarheid.

    Als we het hebben over het Covid-19 virus, gebruiken we het woord Covid-19. Corona dekt niet de lading van dit virus. Coronavirussen zijn er in vele soorten en maten en komen bij tal van dieren voor. Dit is niet altijd Covid-19.

    Politieke moties waarin wordt gevraagd om een fokverbod voor dieren die gevoelig zijn voor coronavirussen worden dan ook ongeldig verklaard, of worden tekstueel aangepast voor het indienen ervan. Dit zou immers anders betekenen dat er een fokverbod wordt gevraagd voor vele dieren in Nederland. Dus ook voor honden, katten en paarden.

  2. Er zijn goede voorzieningen nodig (openbaar vervoer, scholen, geldautomaat, ambulance, politiepost, medische en culturele voorzieningen, snel internet) op het platteland waardoor oud en jong zich thuis kunnen blijven voelen in hun eigen regio. Naast het Grote Stedenbeleid, komt er een plattelandsbeleid om de leefbaarheid in de regio’s te waarborgen en te bevorderen.

     

  3. De overheid is er voor de inwoners en niet andersom. Beleid, houding en gedrag van de overheid wordt hierop getoetst.
  4. Er komen ‘meer handen aan het bed’ in de zorg zodat er ook meer tijd is voor sociaal contact.
  5. De grote rol van vrijwilligers en mantelzorgers in met name de ouderenzorg wordt erkend en gefaciliteerd. Daarom wil BBB dat in de dorpen waar voldoende ruimte is, mensen in de gelegenheid gesteld worden een zogenaamde ‘kangoeroewoning’ gestalte te geven, bijvoorbeeld door het plaatsen van een ruim tuinhuisje of woonunit. Zodat zij zorg kunnen bieden aan hun ouders.
  6. Er komt een Minister voor het Platteland met een departement op minimaal 100 km afstand van Den Haag.
  7. We beperken de wet- en regelgeving. Er komt geen nieuwe wet- en regelgeving zonder dat er ook bestaande wetten en regels worden afgeschaft.
  8. We zorgen voor het behoud van de agrarische sector en MKB-bedrijven op het platteland en houden daarmee werkgelegenheid, leefbaarheid en een gezonde economie in stand.
  9. We behouden het huidige cultuurlandschap op het platteland, waar mensen uit de stad kunnen recreëren en gezonde lucht kunnen inademen.
  10. We stimuleren vergroening door burgers (tegels eruit, groene balkons, meer planten, tuinen en bomen etc.)
  11. We faciliteren het behoud en de terugkeer van buurtwinkels op het platteland.
  12. We laten burgers zelf bepalen wat zij willen eten, de taak van de overheid is informeren en voorlichten.
  13. We geven aan burgers eerlijke informatie over het belang van dierlijke eiwitten in een uitgebalanceerd voedselpatroon.
  14. Het Kabinet gaat 9 miljoen euro investeren in Voedselbanken Nederland. Met dit bedrag kan het ministerie van Sociale Zaken een Europese subsidie van 60 miljoen euro aanvragen bij de Europese Commissie voor Voedselbanken Nederland. Dit Europese fonds voor voedselbanken bestaan gewoon, alleen Nederland gebruikt die mogelijkheid niet.

    Ter vergelijking: Frankrijk krijgt elk jaar 500 miljoen euro Europese subsidie voor voedselbankhulp. De 60 miljoen euro is hard nodig. Het aantal mensen dat gebruik maakt van de voedselbank in Nederland stijgt elk jaar. Verwacht wordt dat er (vanwege Covid-19) komend jaar nog een extra groei te zien zal zijn van 30-35 procent. Agrarische organisaties bundelen intussen de krachten met Voedselbanken Nederland, om de voedselvoorziening aan voedselbanken een impuls te geven.

  15. We verbieden de import van producten die geproduceerd zijn op een manier die in
    Nederland zelf niet is toegestaan. Handelsverdragen moeten hierop getoetst worden en waar nodig aangepast.
  16. Producten die vitaal zijn voor de Nederlandse samenleving moeten ook in Nederland geproduceerd worden, nu en in de toekomst. Denk hierbij aan beschermingsmiddelen voor de zorg, een basis voedselpakket, brandstoffen, bepaalde medicijnen en drinkwater.

     

  17. Antibioticagebruik bij zowel dieren als mensen worden beperkt tot wat strikt noodzakelijk is.
  18. We stellen mensen centraal en niet de regels, zoals bijvoorbeeld in het dossier kindertoeslag en inkomstenbelasting.
  19. Er komt meer voorlichting en positieve aandacht voor de zorgsector in het onderwijs.
    Zo blijft ook in de toekomst de zorg voor mensen beschikbaar.
  20. Regelgeving die grote verzorgingstehuizen prevaleert wordt afgeschaft. Kleinschalige verzorgingstehuizen functioneren optimaal, voorzien in een grote behoefte en zijn elementair voor de sociale cohesie op het platteland en in de wijken.
  21. Het scheiden van partners bij opname in een verpleeghuis is verleden tijd.
  22. Er komt meer waardering voor de mensen in de zorg op de werkvloer, ook structureel financieel.
  23. Gezonde (landbouw)huisdieren zijn belangrijk voor gezonde burgers, dus ziektepreventie en hygiëne staan voorop bij het maken en uitvoeren van beleid.
  24. Ook huisdieren in de stad en (wilde) dieren in de natuur kunnen ziek zijn of ziek worden. Er komt goede communicatie over zoönosen; wat zijn het en hoeveel risico’s geven ze voor mensen.
  25. (Landbouw)huisdieren kennen een heel goed monitoringsysteem voor een groot aantal dierziekten via de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD). Er komt een match met de systemen van de GGD. Wij zijn een voorstander van de One Health benadering, dus een combinatie van de humane en de diergeneeskundige aanpak voor volks- en diergezondheid.
  26. Bij een uitbraak van een mens- of dierziekte wordt er door een expert/communicatieteam eenduidig en helder gecommuniceerd naar parlement, overheid en burgers.
gezonde_burgers
gezonde_economie

Gezonde economie

In 2018 is voor een bedrag van € 90,3 miljard geëxporteerd aan landbouwgoederen. Nederland is daarmee de op één na grootste landbouwexporteur van de wereld, na de Verenigde Staten. Een indrukwekkende prestatie, maar geen doel op zich. Het is het logische gevolg van de internationale waardering voor Nederlandse agrarische producten, die zich kenmerken door kwaliteit, zekerheid, homogeniteit en duurzaamheid.

Dagelijks dragen in Nederland pakweg 500.000 mensen hier hun steentje aan bij. Dit zijn, naast de 50.000 boeren, tuinders en vissers, zo’n 450.000 mensen in de periferie. Mensen die werkzaam zijn in de toeleverende en verwerkende industrie, transportsector en dienstverlening. Stimulering van de consumptie van streekproducten past prima in de kringlooplandbouwgedachte, maar biedt voor slechts een klein percentage boeren en tuinders voldoende inkomen. De consument in de winkel blijft de baas. De echte verandering moet uit de mainstream voedselproductie komen en daar is ook de meeste winst te behalen.
Jonge agrarische ondernemers en bedrijfsopvolgers moeten geholpen worden, qua begeleiding en financiële steun.

Actiepunten

  1. Er komt voldoende ontwikkelingsruimte voor producenten die ervoor kiezen om in Nederland te blijven.
  2. Er komt voldoende ontwikkelingsruimte voor ondernemers zodat zij hun bedrijf kunnen overdragen aan de volgende generatie. Zo blijven familiebedrijven behouden.
  3. Er komt pas nieuwe wet- en regelgeving als de kosten die de ondernemer moet maken, is opgenomen in de prijs van de producten.
  4. Nederland is een handelsland. BBB is daarom tegen een harde Nexit uit de EU. De EU moet echter geen superstaat worden, die alle regels voor alle inwoners gaat bepalen.
  5. Elke regio in Europa, of dit nou landen of streken zijn, zijn uniek en dienen hun eigen tradities en leefwijzen te kunnen behouden.
  6. Er komt een structurele campagne, gefinancierd door de overheid, om consumenten te stimuleren in Nederland gemaakte producten te kopen.
  7. Overheid en bedrijfsleven kiezen waar mogelijk in kantines, bedrijfsrestaurants, ziekenhuizen en foodservice voor Nederlandse producten en dragen dit ook uit naar de consumenten.
  8. Het kwartje van Kok moet, zoals 30 jaar geleden al beloofd, nu eindelijk maar eens worden afgeschaft. Met andere woorden: de brandstofaccijnzen moeten worden teruggebracht met dit bedrag. Dit levert het bedrijfsleven een grote kostenbesparing op en de overheid toont zich dan eindelijk een betrouwbare partner.
  9. En nu we toch bezig zijn: waar blijft die 1.000 euro van Rutte?
  10. Nederland investeert structureel in innovatie- en onderzoek zodat onze ondernemers aan de wereldtop kunnen blijven produceren.
gezonde_economie
gezond_onderwijs

Gezond onderwijs

Tegenwoordig krijgen kinderen niet de juiste of helemaal geen informatie over de landbouw. Schoolboeken bevatten verkeerde en/of suggestieve informatie over de land- en tuinbouw.

Daar gaat de BBB verandering in brengen! Wij zullen ervoor zorgen dat foute of suggestieve informatie uit de schoolboeken verdwijnen en dat oud lesmateriaal, waarin bijvoorbeeld nog gesproken wordt over legbatterijen en kistkalveren niet meer op scholen mogen worden uitgedeeld. Daarnaast zullen wij ons inzetten voor verplicht voedselonderwijs, waarvan boerderij-educatie een wezenlijk onderdeel is. Kinderen moeten al vroeg in aanraking komen met de herkomst van hun voedsel. Daardoor zullen zij voedsel als volwassene meer waarderen en mogelijk bereid zijn om er meer voor te betalen.

Kennis over voedsel en land- en tuinbouw zal kinderen ook stimuleren om te kiezen voor een opleiding in de agrarische sector, waarmee het bestaansrecht van de sector wordt gewaarborgd. (Voedselverspilling!)Verder zullen wij ons inzetten voor overheidscampagnes voor Nederlandse voedselproducten en zullen wij overheid en bedrijfsleven vragen om in bedrijfsrestaurants, ziekenhuizen en foodservice te kiezen voor NL producten en dit ook uit te dragen naar hun afnemers: de consumenten.

Actiepunten

  1. Scholen op het platteland blijven open en ‘thuisnabij onderwijs’ staat centraal.
  2. Alle 150 gekozen Kamerleden en het voltallige Kabinet volgen na elke verkiezingen, verplicht een week een inboeringscursus op het platteland, op minimaal 100 kilometer van hun eigen woonplaats. Daar wordt hen alle facetten van wonen en werken op het platteland bijgebracht door boeren en plattelandsbewoners.
  3. Voor alle studenten is een basisbeurs beschikbaar.
  4. Bij nieuw beleid wordt een ‘krimpcheck’ toegepast: dus bijvoorbeeld bij het invoeren van nieuwe onderwijsregels wordt gecheckt wat deze regels voor impact hebben voor de scholen op het platteland.
  5. Foute of suggestieve informatie over welke sector of groep mensen dan ook, verdwijnt uit de schoolboeken. Schoolboeken waarin nog wordt gesproken over werkwijzen die niet meer in Nederland van toepassing zijn, zoals legbatterijen en kistkalveren, worden uit het onderwijs gehaald, dan wel aangepast. Voordat schoolboeken en lespakketten aan leerlingen worden aangeboden toetst een deskundige commissie uit diverse sectoren het lesmateriaal op feitelijke onjuistheden en propaganda.
  6. Onderwijzers op alle scholen wordt verboden hun eigen ideologieën te verspreiden onder leerlingen. Er komt een meldpunt waar leerlingen en ouders dit kunnen melden. Een deskundige commissie beoordeelt deze klachten.
  7. Achterhaald lesmateriaal over voedselproductie, waarin bijvoorbeeld nog gesproken wordt over legbatterijen en kistkalveren mogen in de tussentijd op scholen niet meer worden gebruikt.
  8. Voedselonderwijs op de basisschool wordt verplicht. Boerderij-educatie is hierin een wezen-lijk onderdeel. In de wet wordt hierover opgenomen, dat de kosten en de arbeid die de ondernemer daar in steekt volledig worden vergoed.
  9. Vrijwillige boerderijeducatie wordt beter gewaardeerd. De overheid stimuleert boerburger–communicatie niet alleen in woorden, maar ook in daden en zal dan ook jaarlijks substantieel financieel bijdragen aan boerderijeducatie.
  10. In de opleiding van alle docenten wordt een stage bij een onderdeel van de agrarische sector verplicht.
  11. Op de opleidingen voor Journalistiek wordt landbouw, visserij en platteland een verplicht vak.
  12. Het voortgezet, middelbaar, hoger en universitair agrarisch onderwijs wordt, in samenwerking met het bedrijfsleven, beter gepromoot op basisscholen en voortgezet onderwijs. Alleen dan kan Nederland leidend blijven als Agrarisch Kenniscentrum voor de rest van de wereld en zo helpen te zorgen voor voedselzekerheid in de wereld. 
  13. Gezien de specifieke uitdagingen en kennis in deze sector valt Agrarisch onderwijs onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van Platteland en niet onder het ministerie van Onderwijs.
  14. Er komt meer voorlichting om jongeren te stimuleren een opleiding in de agrarische sector te volgen. De landbouw wordt steeds meer hightech middels bijvoorbeeld ICT en precisie-landbouw. Dus ook hier heeft de sector nu iets nieuws te bieden qua onderzoek en scholing voor een groep jongeren. 
  15. Er moet ook in het landelijk gebied goede toegang zijn tot hogescholen en universiteiten, eventueel via afstandsonderwijs, gecombineerd met lesdagen op locatie. Dit zorgt ervoor dat hoogopgeleide jeugd voor haar studie niet hoeven te verhuizen naar de grotere steden. Dit kan mogelijk op het platteland nieuwe impulsen kan stimuleren. 
  16. BBB wil actieve buurthuizen in ieder dorp, waar verschillende activiteiten verzorgd worden door cultureel maatschappelijk werkers. Zij kunnen tevens een signaleringsfunctie vervullen in de ontwikkeling van de jeugd in de dorpen en daar een positieve stimulans aan geven. 
  17. We praten niet meer over hoogopgeleiden of laagopgeleiden. We praten alleen nog over theoretisch opgeleiden en praktisch opgeleiden. 
  18. Basisscholen met meer dan 40 leerlingen blijven open op het platteland.
gezond_onderwijs
gezonde_maatschappij

Gezonde maatschappij

Eerlijk voedsel vormt dé verbinding voor een gezonde maatschappij en kent een eindeloze hoeveelheid raakvlakken en verbindingen. Door telkens eerlijk voedsel als uitgangspunt te nemen wordt automatisch een gezonde maatschappij gecreëerd.

Voorbeelden:

  • Voorlichting: het is schrikbarend hoeveel onzin er via de media dagelijks over de agrarisch sector en over voedsel tot ons komt. NPO en NOS doen hier volop aan mee. De invloed van de groene lobby is overduidelijk en onevenredig groot. BBB brengt de balans terug in de berichtgeving en zal een waarheidsgetrouw beeld geven.
  • Wetenschap: besluitvorming dient op de juiste informatie, op feiten gebaseerd te zijn. BBB huldigt hierbij het uitgangspunt: meten is weten. Dus geen politieke besluitvorming op basis van modellen en aannames met grote afwijkingspercentages, maar op basis van harde feiten. Er wordt enorm geïnvesteerd in wetenschappelijk onderzoek; als tegenprestatie moeten wetenschappers hun rol in de maatschappelijke discussie herpakken. Misleiding of ‘cherry picking’ uit onderzoek moet strafbaar worden gesteld. Een Wet recht op landbouw, biedt die mogelijkheid.
  • Energie: zonne-energie op daken en in bebouwd gebied is prima, maar wend hier geen vruchtbare agrarische gronden voor aan. Eerst bedrijfsdaken, dan kijken waar nog meer mogelijk is. Het is niet te verkopen aan landen waar honger heerst, dat wij vruchtbare grond afpakken voor zonne-energie. Nog even los van het verlies aan biodiversiteit.
  • Infrastructuur: eerlijk voedsel dient voor iedereen beschikbaar te zijn. Gegeven de grote inbreng van de land- en tuinbouw in de Nederlandse economie is een goede infrastructuur essentieel. Een goede infrastructuur vermindert de hoeveelheid voedsel die weggegooid moet worden door bederf.
  • Ontwikkelingssamenwerking: eerlijk voedsel moet voor iedereen bereikbaar zijn. De Nederlandse land- en tuinbouw is niet alleen toonaangevend als producent, maar levert eveneens wereldwijd kennis en expertise om lokaal eerlijke voedselproductie mogelijk te maken. De aarde is in staat voldoende voedsel te bieden voor een immer stijgende wereldpopulatie. Dit kan alleen door wereldwijd kennis over de productie van eerlijk voedsel te stimuleren. Voldoende eerlijk voedsel voorkomt kindersterfte, honger, grote migratiebewegingen, oorlogen en disbalans.

Actiepunten

  1. BBB wil een Constitutioneel Hof in Nederland, zoals ook al in 2018 door de Commissie Remkes is voorgesteld. Gek genoeg kan je op dit moment als kiesgerechtigde Nederlander weinig doen als het parlement een wet aanneemt die in strijd is met de Grondwet. Met de oprichting van een Constitutioneel Hof kunnen burgers wél laten toetsen of een wet in strijd is met de Grondwet. Het Constitutioneel Hof toetst of een wet of regel niet in strijd is met de fundamentele rechten en vrijheden of met het gelijkheidsbeginsel zoals die in de Grondwet zijn vastgelegd. Het Constitutioneel Hof moet ook de mogelijkheid krijgen om conflicten tussen wet- en regelgeving tussen verschillende provincies te toetsen. Ook beslist het over een correct verloop van verkiezingen en referenda en over de rechtsgeldigheid van hoge mandaten zoals die van een Kabinet of een parlementslid. Artikel 120 van de Nederlandse Grondwet, dat de rechter verbiedt om de wet te toetsen aan de Grondwet wordt daarnaast geschrapt. Het Constitutioneel Hof moet laagdrempelig zijn.
  2. Meer geld voor politie en handhaving. Kleinere politietaken worden niet zonder meer afgeschoven op BOA’s, zonder dat deze de middelen hebben om zich te beschermen. De politie moet substantieel meer agenten kunnen opleiden. De politieposten op het platteland keren terug.
  3. Iedereen in Nederland verdient gelijke kansen. Daar hoeven we geen hele paragraaf aan te wijden. Racisme en discriminatie zijn ontoelaatbaar en strafbaar. Punt.Voor BBB maken kleur, leeftijd, afkomst, seksuele geaardheid en religie niets uit. Discriminatie is verboden. Dus ook positieve discriminatie. Mensen die solliciteren bij de overheid worden beoordeeld op basis van kwaliteit en niet op basis van geslacht, lichamelijke beperking, kleur, seksuele geaardheid, religie of wat dan ook. Er komt dan ook GEEN vrouwenquotum, of welke quota dan ook bij overheidsdiensten. Het enige quotum dat er komt is een kwaliteitsquotum: 100 procent van de werknemers heeft de beste kwaliteiten.Bij het toewijzen van woningen wordt gekeken naar urgentie en niet naar afkomst. Dit betekent dat de ene bevolkingsgroep niet meer of minder of eerder recht heeft op een (betaalbare) woning dan de andere bevolkingsgroep, puur op basis van afkomst. Dit geldt over en weer.
  4. Vaak worden gesprekken op televisie met mensen die van het platteland komen (Limburgers, Tukkers, Friezen, Brabanders, etc.) standaard voorzien van ondertiteling. BBB vindt dit discriminerend. BBB wil dat alle gesprekken op televisie waarin geen Standaard Nederlands wordt gesproken, worden ondertiteld. Dus ook als iemand plat Amsterdams, Haags, Rotterdams, Goois of Utrechts spreekt. Gelijke monniken, gelijke kappen.
  5. De Nederlandse land- en tuinbouw hoeft de wereld niet te voeden, maar kan wel HELPEN de wereld te voeden. Door boeren in Nederland te houden, blijft ook de kennis over voedsel-productie in Nederland. Deze kennis kunnen wij inzetten in landen waar voedselzekerheid niet vanzelfsprekend is. Voedselschaarste leidt tot sociale onrust, armoede, burgeroorlogen en daarmee immigratiestromen. Dit is onwenselijk. Nederland helpt deze landen met haar landbouwkennis voedselzekerheid te verkrijgen.
  6. Mensen die echt op de vlucht zijn voor oorlogen, of van wie hun leven en/of dat van hun gezin ernstig wordt bedreigd en dat kunnen aantonen, zijn welkom in Nederland, voor de tijd die daarvoor nodig is. Voorkeur heeft het, om ervoor te zorgen dat deze mensen in eigen regio’s worden opgevangen. Dit maakt het gemakkelijker om deze mensen – wanneer dat weer mogelijk is – in te zetten bij de wederopbouw van hun land.
  7. Immigranten die NIET uit een oorlogsgebied komen, moeten kunnen aantonen dat zij in Nederland vast werk en een onderkomen hebben. Als zij dit kunnen bewijzen én de Neder-landse taal goed machtig zijn, worden zij toegelaten. Na vijf jaar te hebben bijgedragen aan de Nederlandse maatschappij en economie, kunnen zij in aanmerking komen voor een permanente verblijfsvergunning.
  8. Economische gelukszoekers zonder werk en inkomen worden niet toegelaten of zo snel mogelijk uitgezet naar eigen land. Nederland neemt alleen aantoonbare oorlogsslachtoffers of aantoonbaar ernstig bedreigde mensen op.
  9. Er komt een herijking van de Natura 2000 gebieden. Te veel aangewezen gebieden, of gebieden die oneigenlijk zijn aangewezen, worden geschrapt.
  10. Meten = weten. Nieuw overheidsbeleid wordt gebaseerd op concrete meetgegevens in plaats van op aannames en modellen.
  11. Lokale partijen krijgen naar aantal zetels in gemeenteraden en Provinciale Staten een gelijkwaardige partijsubsidie zoals landelijke partijen in de Tweede Kamer nu ook krijgen.
  12. BBB trekt niet aan een dood Konikpaard. We werken niet met wensnatuur, maar stellen reële natuurdoelen. Miljoenen euro’s stoppen in kansloze projecten is verleden tijd.
  13. Het landschap is evenveel waard als het klimaat. Er komen geen zonnepanelen in het buitengebied zolang er nog lege daken en terreinen zijn. Nieuwe zonneparken worden getoetst aan de ‘zonneladder’ of een vergelijkbaar afwegingskader.
  14. Er komen betaalbare woningen voor starters op de woningmarkt. Voor zogenaamde ‘scheefhuurders’ komen woningen beschikbaar om doorstroming mogelijk te maken. Wie kleiner wil gaan wonen moet een redelijk alternatief geboden worden.
  15. De stem van de burger wordt tussen verkiezingen door gehoord bij belangrijke besluitvorming (bijvoorbeeld) over zijn leefomgeving. Dit gebeurt bijvoorbeeld via (lokale of regionale) referenda en/of volkspeilingen. Te denken valt aan een volkspeiling bij de aanleg van mega-zonneparken of windmolens in het buitengebied en op de Noordzee en in het IJsselmeer.
  16. Subsidies voor zonnepanelen worden gebruikt voor de aanleg van panelen op bedrijfsdaken en geluidsschermen, in plaats van op (landbouw)grond.
  17. Nederland telt ruim 139.000 kilometer verharde wegen. Onderzocht moet worden of in vangrails kleine zonnepaneeltjes kunnen worden aangebracht. Zo wordt landschapsvervuiling tegengegaan en kan veel groene energie worden opgewekt.
  18. BBB is echter het meest voor kernenergie als schone energiebron. Voor een structurele energieproductie, zonder aantasting van ons mooie landschap, zonder aanpassing van ons energienet kunnen veilige kerncentrales gebouwd worden. Geen CO2 uitstoot en een goedkope grondstof. Nieuwe technieken bieden nieuwe veilige inzichten: w.o. kernenergie.
  19. Groenafval wordt niet gestookt in biomassacentrales, maar ingezet ter verbetering van de bodem en bevordering van de groei van planten.
  20. Boerennatuur is ook natuur en wordt als zodanig door de overheid erkend, gewaardeerd en gestimuleerd. Natuurorganisaties gesubsidieerd door de overheid, nemen het belang van behoud van boerennatuur mee in hun campagnes en dragen actief uit dat boerennatuur ook natuur is.
  21. De subsidiestroom naar ‘goede doelen organisaties’ en actiegroepen die politiek bedrijven, en zo het democratisch proces beïnvloeden, wordt gestopt. Goede doelen-organisaties die met hun activisme het leven in gevaar brengen van boeren, burgers en vissers, wordt de ANBI-status afgenomen, zodat zij geen belastingvoordeel meer hebben.
  22. De uitkoop van boeren om groene economie (landbouw) in te ruilen voor grijze economie (industrie) wordt gestopt. Boeren maken geen luxeproducten, maar noodzakelijke producten: voedsel. Dit vormt naast zuurstof en water een eerste levensbehoefte. Voedselmakers jaag je niet weg uit Nederland, die behoud je voor Nederland.
  23. Er komt geen uitbreiding van Natura 2000 gebieden. Het uitkopen van boeren om de instandhoudingsdoelen aan de randen van Natura 2000 gebieden te bereiken is onnodig en heeft geen positief effect.Het mag niet zo zijn dat er door subsidieregelingen rondom Natura 2000 gebieden vervolgens uitrookbeleid gevoerd wordt, omdat achterblijvende veehouders geen ontwikkelingsruimte meer geboden wordt.
  24. De in het verleden uitgevoerde maatregelen in Natura 2000 gebieden worden getoetst op resultaat om te voorkomen dat nog meer miljarden euro’s verspild worden.
  25. BBB wil de daadwerkelijke afgesproken natuurwaarde evalueren met onafhankelijke biologen, en indien de instandhouding realistisch is deze (zoals die ene specifieke bloem, dat ene specifieke diertje, plantje of insectje) in een Natura 2000 gebied beschermen.
  26. Rond zo’n specifiek gebied wordt een figuurlijke rode contour getrokken. Boeren buiten die rode contouren blijven hun ontwikkelingsruimte houden. Zo waarborgen wij de productie van gezond voedsel voor iedereen en het bestaansrecht van onze land- en tuinbouw en daarmee een leefbaar platteland met voldoende bedrijvigheid, werkgelegenheid, kansen voor recreatie en toerisme, landschapsbeheer en natuurbeheer en sociale binding tussen boeren en burgers.
  27. Natura 2000 gebieden moeten zo veel als mogelijk beleefd kunnen worden door de mens. Ontoegankelijke natuurgebieden worden per direct worden opengesteld. De burger betaalt er via de belastingen aan mee en heeft er recht op om van deze gebieden te genieten én te controleren wat er met zijn of haar belastingcenten is gebeurd.
  28. Wij moeten goed zorgen voor de natuur, zeggen de Raad van State en de Europese Commissie. BBB is het daar mee eens. Echter hóe wij dat moeten doen, staat in geen enkele wet. Stikstofreductie is geen middel dat door de Europese Commissie of de rechtspraak is opgelegd. Het terugbrengen van de snelheid van 130 naar 100 km/u had op basis hiervan niet genomen hoeven te worden en wordt dus teruggedraaid.
  29. Alle stikstofmaatregelen gaan van tafel en er komen geen nieuwe maatregelen. Zolang de agrarische sector onder het, door de EU verplichte, stikstofplafond blijft, is er in principe geen enkele reden om via miljarden kostende stikstofmaatregelen de natuur te herstellen.
  30. Er wordt gekeken naar doelmatige alternatieven voor de stikstofmaatregelen. Een verzuurd natuurgebied kan bijvoorbeeld heel eenvoudig worden hersteld door het toevoegen van kalk. Een methode die door boeren en tuinders al eeuwen wordt toegepast op hun eigen bodem. Ratio gaat boven emotie.
  31. De zogenoemde Kritische Depositiewaardes (de hoeveelheid stikstof die mag neerslaan op een natuurgebied) zijn onhaalbaar. Als alle vee, alle verkeer, alle mensen, alle luchtvaart en alle industrie uit Nederland is verdwenen, dan nog is de stikstofdepositie in tientallen natuurgebieden te hoog. Er komen haalbare normen waardoor het mooie karakteristieke Hollandse landschap beschermd en beheerd blijft.
  32. Natuur en milieu, stoppen niet bij de grens. Er komen Europese doelstellingen en samenwerkingen bij het behoud en verbetering van natuur en milieu. Dit in plaats van bovenwettelijke Nederlandse doelstellingen en eisen.
  33. Gemeenteraadsleden kiezen de leden van de Eerste Kamer en niet Provinciale Staten. Hiermee blijft het lokale geluid in de landelijke politiek (Eerste Kamer) ook gewaarborgd.
  34. De Omgevingswet, de lokale participatie, het beleggen van taken en bevoegdheden bij de gemeente is een goede zaak, echter de nieuwe Omgevingswet kan leiden tot een willekeur aan regels, die per gemeente anders zijn. Beleid moet worden gebaseerd op objectieve uitgangspunten en meetmethodieken. Waar nodig en waar de situatie erom vraagt, zal het beleid soepeler of strenger moeten zijn. Waar het niet nodig is, gelden de landelijke regels.
  35. Moeilijke vraagstukken die qua kennis boven de pet van gemeenten gaan, moeten in overleg met provincies en landelijke overheid worden behandeld. Gemeenten moeten niet zelf het wiel gaan uitvinden.
  36. Procedures en regels in de Omgevingswet moeten voor iedereen eenvoudig blijven en niet te kostbaar om uit te voeren.
  37. Elk bedrijf dat zich ontwikkelt, is toekomstbestendig. Gemeentelijke ontwikkeling van bedrijfs- en stalsystemen, uitstoot van (schadelijke) stoffen en vergroening worden bekeken en behandeld als één geheel. Dit totaalplaatje wordt doorvertaald in een omgevingsplan.
  38. De overheid stimuleert dat plattelandsgemeenten lokaal en klein kunnen blijven en reikt ze daarvoor actief (financiële) middelen aan.
  39. Plattelandsgemeenten worden niet gedwongen om uit financiële overwegingen te fuseren met een stad tot een supergemeente. Het risico na zo’n fusie is groot dat de voormalige kleine gemeenten, die nu autonoom zijn en dicht bij de bevolking staan, worden overschreeuwd of overruled door de ‘grote stadsbroer’. De kloof tussen burger en overheid moet worden verkleind en een ‘supergemeente’ staat te ver af van de bevolking.
  40. Er komen voldoende woningen voor jongeren op het platteland. Zo wordt de diversiteit van jong en oud op het platteland behouden en leegloop voorkomen. Leegloop leidt tot verpaupering en onleefbaarheid.
  41. We geven meer aandacht aan bestrijding van criminaliteit op het platteland om zo drugskartels en rondrijdende bendes, die uit zijn op bijvoorbeeld GPS apparatuur, geen kans te geven. Ook hier geldt: meer geld en middelen voor politie en handhaving.
  42. Er wordt eerst zoveel mogelijk op de lege en beschikbare plekken binnen de bestaande kernen/steden gebouwd. Zo worden vruchtbare landbouwgrond en het unieke cultuurlandschap op het platteland behouden. Pas als binnendorps bouwen niet afdoende blijkt, wordt er gebouwd om de kernen heen.
  43. In de steden worden kantoor- en winkelpanden, die langer dan 1 jaar leeg staan, eerst omgebouwd tot woningen/appartementen, voordat landbouwgrond op het platteland wordt afgesnoept voor nieuwbouwwoningen.
  44. Om zoveel mogelijk landbouwgrond te sparen, wordt er in de komende jaren meer verticaal dan horizontaal gebouwd. Dus: meer hoogbouw in de steden, zodat het platteland zijn unieke karakter en landschap kan behouden. De stadsbewoner kan dan in zijn vrije tijd komen genieten van het mooie landschap, de frisse lucht en de natuur in zijn directe omgeving.
  45. In steden wordt meer groen aangelegd voor de recreatie en ontspanning van de stadsbewoners. Dit is goed voor het klimaat en zorgt voor minder hoge temperaturen in de volle en drukke stad.
  46. Landelijke regels omtrent tradities, folklore en cultuur krijgen een plattelandstoets. Getoetst wordt of de regelgeving vanuit Den Haag wel relevant is voor het platteland en wat de gevolgen zijn voor de onderlinge sociale binding, de cultuur en noaberschap op het platte-land.
  47. BBB wil een overheid die transparant te werk gaat, en eerlijk is over waar beleid voor ingezet wordt. De overheid hoort dienstbaar te zijn aan haar inwoners en integer te werk te gaan.
  48. Cultuursubsidies worden evenredig verdeeld over het hele land. Er komt extra aandacht voor culturele instellingen en meer toezicht op de eerlijke verdeling van subsidies voor culturele instellingen buiten de grote steden. Plattelandscultuur is ook cultuur.
  49. Het mislukte natuurproject Oostvaardersplassen wordt geschrapt. De gronden worden gebruikt om 300.000 woningen te bouwen.
  50. Het openbaar vervoer voor studenten, 65-plussers en mensen met een minimum inkomen moet op het platteland gratis worden.Naast het Grote Stedenbeleid, komt er een plattelandsbeleid om de leefbaarheid in de regio’s te waarborgen en te bevorderen.
gezonde_maatschappij