BBB Drenthe: Drenthe kan niet opnieuw wegkijken nu Den Haag een andere koers kiest
Gepubliceerd op 5 november 2026
BBB Drenthe waarschuwde herhaaldelijk dat de provincie niet vooruit moest lopen op Den Haag. Nu het landelijke stikstofbeleid volgens berichtgeving van 3 november 2026 wordt afgezwakt, dreigen Drentse boeren vast te zitten aan strengere regels.
De fractie heeft er tijdens meerdere gesprekken met gedeputeerde Emmens op gewezen: wacht met het vastleggen van vergaande stikstofregels tot duidelijk is wat het landelijke beleid wordt. Voorkom dat Drenthe zichzelf op achterstand zet met strengere regels dan landelijk nodig zijn.
Toch is het Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe (TLGD) vastgesteld door een grote meerderheid, met stevige normen en maatregelen voor Drentse boeren. Inmiddels kiest het kabinet voor een aangepaste aanpak met meer ruimte voor maatwerk en andere mogelijkheden rond kwetsbare natuur. En dat is precies waar BBB Drenthe steeds voor heeft gewaarschuwd: Drentse boeren dreigen zwaarder belast te worden dan nodig is. Voor de fractie is dat reden genoeg om het TLGD opnieuw te beoordelen.
Waarom vasthouden aan 1.000-meterzones?
Drenthe heeft in het TLGD gekozen voor een gebiedsgerichte aanpak met zones van 1.000 meter rond Natura 2000-gebieden. Daarbinnen gelden forse extra reductieopgaven boven op de generieke maatregelen. Het nieuwe landelijke programma biedt mogelijkheden om met kleinere zones en gerichte maatregelen te werken. Zo wordt ook een alternatief met 500 meter en aanvullende emissiereductie buiten die zone genoemd.
“Waarom zou Drenthe vasthouden aan eigen 1.000-meterzones als het met een minder ingrijpende aanpak ook kan? Als hetzelfde natuurresultaat bereikt kan worden met kleinere zones en gerichte maatregelen, moet je die mogelijkheid serieus onderzoeken. Drentse boeren mogen niet onnodig met strengere regels worden opgezadeld omdat de provincie eerder keuzes heeft gemaakt dan het Rijk”, aldus fractievoorzitter Willem Vossebeld.
Inzet vanuit de Tweede Kamer
In de Tweede Kamer blijft BBB zich inzetten voor verdere aanpassingen van het stikstofbeleid van Van Essen. De fractie daar wil onder meer de normen voor de grootvee-eenheid schrappen en de Rekenkundige Ondergrens per 1 januari 2027 invoeren. Daarnaast pleit BBB voor zonering van maximaal 250 meter en alleen bij habitats die aantoonbaar met stikstof overbelast zijn en in slechte staat verkeren.
Ook de normen voor doelsturing moeten volgens BBB realistischer en haalbaarder worden. Boeren moeten hun uitstoot niet alleen via generieke maatregelen kunnen verminderen, maar ook met maatregelen in de stal en op het erf. De resultaten daarvan moeten dan wel juridisch houdbaar kunnen worden meegerekend. Daarvoor zijn vooraf gegarandeerde middelen en ruimtelijke ondersteuning noodzakelijk. Het intrekken van vergunningen of een generieke korting is voor BBB niet aan de orde.
Juist daarom vinden zowel BBB Drenthe als de fractie in de Tweede Kamer dat Drenthe niet moet vasthouden aan strengere eigen regels, terwijl landelijk nog volop wordt gewerkt aan een aanpak die mogelijk beter uitvoerbaar is voor boeren.
Juridische borging
Volgens de fractie is de uitwerking en borging van de maatregelen in het TLGD minstens zo zorgelijk. Er worden stevige doelen neergelegd, maar de concrete plannen om die doelen te bereiken zijn onvoldoende uitgewerkt en zonder juridische borging. Boeren krijgen daarmee wel een reductieopgave, maar onvoldoende duidelijkheid over wat er precies van hen wordt verwacht, welke maatregelen beschikbaar zijn en wat er gebeurt als de doelen niet worden gehaald.
Een betrouwbare overheid begint bij duidelijke keuzes
De Nationale ombudsman heeft op 4 november 2026 een stevige waarschuwing afgegeven: de overheid is de afgelopen tien jaar onvoldoende betrouwbaar geweest tegenover boeren. Wisselende regels, tegenstrijdig beleid en onduidelijke besluiten hebben geleid tot onzekerheid, stilstand en gebrek aan toekomstperspectief.
Voor BBB Drenthe geeft dit aan hoe belangrijk het is dat de provincie zelf ook betrouwbaar en zorgvuldig handelt. ‘’Dat begint met voorkomen dat boeren opnieuw de rekening krijgen van veranderend overheidsbeleid. Eerst een provinciaal plan vaststellen en vervolgens ontdekken dat landelijk andere keuzes worden gemaakt: precies die onzekerheid moeten we niet willen creëren’’, stelt Vossebeld.
Geen dubbele lasten en geen onnodige beperkingen
‘’Het kan niet zo zijn dat Drentse boeren straks zowel aan provinciale als aan landelijke verplichtingen moeten voldoen, terwijl niet is aangetoond dat de extra provinciale aanpak noodzakelijk is’’, meent de fractie. BBB Drenthe wil daarom dat Gedeputeerde Staten het TLGD opnieuw naast het aangepaste landelijke programma leggen. De omvang van de 1.000-meterzones, de extra reductieopgaven en de juridische borging van de maatregelen moeten daarbij opnieuw worden beoordeeld.
“Wij hebben hier meerdere keren voor gewaarschuwd. Drenthe moest niet vooruitlopen op Den Haag en zichzelf vastzetten in strengere regels dan landelijk nodig zouden blijken. Toch is het TLGD vastgesteld met stevige eisen voor onze boeren. Nu het kabinet de landelijke aanpak aanpast, moet Drenthe ook eerlijk in de spiegel durven kijken en toegeven dat we opnieuw moeten kijken. Boeren mogen niet de dupe worden van provinciale keuzes die achteraf veel strenger blijken dan nodig. Het moet gaan om wat noodzakelijk en haalbaar is voor Drenthe, niet om het koste wat kost vasthouden aan een eenmaal vastgesteld plan’’, aldus fractievoorzitter Willem Vossebeld.
Deel dit artikel
BBB Drenthe: Drenthe kan niet opnieuw wegkijken nu Den Haag een andere koers kiest
BBB Drenthe waarschuwde herhaaldelijk dat de provincie niet vooruit moest lopen op Den Haag. Nu het landelijke stikstofbeleid volgens berichtgeving van 3 november 2026 wordt afgezwakt, dreigen Drentse boeren vast te zitten aan strengere regels.
De fractie heeft er tijdens meerdere gesprekken met gedeputeerde Emmens op gewezen: wacht met het vastleggen van vergaande stikstofregels tot duidelijk is wat het landelijke beleid wordt. Voorkom dat Drenthe zichzelf op achterstand zet met strengere regels dan landelijk nodig zijn.
Toch is het Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe (TLGD) vastgesteld door een grote meerderheid, met stevige normen en maatregelen voor Drentse boeren. Inmiddels kiest het kabinet voor een aangepaste aanpak met meer ruimte voor maatwerk en andere mogelijkheden rond kwetsbare natuur. En dat is precies waar BBB Drenthe steeds voor heeft gewaarschuwd: Drentse boeren dreigen zwaarder belast te worden dan nodig is. Voor de fractie is dat reden genoeg om het TLGD opnieuw te beoordelen.
Waarom vasthouden aan 1.000-meterzones?
Drenthe heeft in het TLGD gekozen voor een gebiedsgerichte aanpak met zones van 1.000 meter rond Natura 2000-gebieden. Daarbinnen gelden forse extra reductieopgaven boven op de generieke maatregelen. Het nieuwe landelijke programma biedt mogelijkheden om met kleinere zones en gerichte maatregelen te werken. Zo wordt ook een alternatief met 500 meter en aanvullende emissiereductie buiten die zone genoemd.
“Waarom zou Drenthe vasthouden aan eigen 1.000-meterzones als het met een minder ingrijpende aanpak ook kan? Als hetzelfde natuurresultaat bereikt kan worden met kleinere zones en gerichte maatregelen, moet je die mogelijkheid serieus onderzoeken. Drentse boeren mogen niet onnodig met strengere regels worden opgezadeld omdat de provincie eerder keuzes heeft gemaakt dan het Rijk”, aldus fractievoorzitter Willem Vossebeld.
Inzet vanuit de Tweede Kamer
In de Tweede Kamer blijft BBB zich inzetten voor verdere aanpassingen van het stikstofbeleid van Van Essen. De fractie daar wil onder meer de normen voor de grootvee-eenheid schrappen en de Rekenkundige Ondergrens per 1 januari 2027 invoeren. Daarnaast pleit BBB voor zonering van maximaal 250 meter en alleen bij habitats die aantoonbaar met stikstof overbelast zijn en in slechte staat verkeren.
Ook de normen voor doelsturing moeten volgens BBB realistischer en haalbaarder worden. Boeren moeten hun uitstoot niet alleen via generieke maatregelen kunnen verminderen, maar ook met maatregelen in de stal en op het erf. De resultaten daarvan moeten dan wel juridisch houdbaar kunnen worden meegerekend. Daarvoor zijn vooraf gegarandeerde middelen en ruimtelijke ondersteuning noodzakelijk. Het intrekken van vergunningen of een generieke korting is voor BBB niet aan de orde.
Juist daarom vinden zowel BBB Drenthe als de fractie in de Tweede Kamer dat Drenthe niet moet vasthouden aan strengere eigen regels, terwijl landelijk nog volop wordt gewerkt aan een aanpak die mogelijk beter uitvoerbaar is voor boeren.
Juridische borging
Volgens de fractie is de uitwerking en borging van de maatregelen in het TLGD minstens zo zorgelijk. Er worden stevige doelen neergelegd, maar de concrete plannen om die doelen te bereiken zijn onvoldoende uitgewerkt en zonder juridische borging. Boeren krijgen daarmee wel een reductieopgave, maar onvoldoende duidelijkheid over wat er precies van hen wordt verwacht, welke maatregelen beschikbaar zijn en wat er gebeurt als de doelen niet worden gehaald.
Een betrouwbare overheid begint bij duidelijke keuzes
De Nationale ombudsman heeft op 4 november 2026 een stevige waarschuwing afgegeven: de overheid is de afgelopen tien jaar onvoldoende betrouwbaar geweest tegenover boeren. Wisselende regels, tegenstrijdig beleid en onduidelijke besluiten hebben geleid tot onzekerheid, stilstand en gebrek aan toekomstperspectief.
Voor BBB Drenthe geeft dit aan hoe belangrijk het is dat de provincie zelf ook betrouwbaar en zorgvuldig handelt. ‘’Dat begint met voorkomen dat boeren opnieuw de rekening krijgen van veranderend overheidsbeleid. Eerst een provinciaal plan vaststellen en vervolgens ontdekken dat landelijk andere keuzes worden gemaakt: precies die onzekerheid moeten we niet willen creëren’’, stelt Vossebeld.
Geen dubbele lasten en geen onnodige beperkingen
‘’Het kan niet zo zijn dat Drentse boeren straks zowel aan provinciale als aan landelijke verplichtingen moeten voldoen, terwijl niet is aangetoond dat de extra provinciale aanpak noodzakelijk is’’, meent de fractie. BBB Drenthe wil daarom dat Gedeputeerde Staten het TLGD opnieuw naast het aangepaste landelijke programma leggen. De omvang van de 1.000-meterzones, de extra reductieopgaven en de juridische borging van de maatregelen moeten daarbij opnieuw worden beoordeeld.
“Wij hebben hier meerdere keren voor gewaarschuwd. Drenthe moest niet vooruitlopen op Den Haag en zichzelf vastzetten in strengere regels dan landelijk nodig zouden blijken. Toch is het TLGD vastgesteld met stevige eisen voor onze boeren. Nu het kabinet de landelijke aanpak aanpast, moet Drenthe ook eerlijk in de spiegel durven kijken en toegeven dat we opnieuw moeten kijken. Boeren mogen niet de dupe worden van provinciale keuzes die achteraf veel strenger blijken dan nodig. Het moet gaan om wat noodzakelijk en haalbaar is voor Drenthe, niet om het koste wat kost vasthouden aan een eenmaal vastgesteld plan’’, aldus fractievoorzitter Willem Vossebeld.