Staatsbosbeheer moet terug naar kerntaken en zuinig omgaan met publiek geld
Gepubliceerd op 25 november 2025
De Tweede Kamerfractie van BBB heeft vrijdag schriftelijke vragen gesteld over het jaarverslag 2024 van Staatsbosbeheer (SBB). De fractie ziet steeds vaker dat SBB zich bezighoudt met projecten en keuzes die weinig te maken hebben met zijn kerntaak: het beheren van onze natuur op een doelmatige, transparante en publieke manier.
Een bijzonder sprekend voorbeeld daarvan is de grootschalige betrokkenheid van SBB bij de aanleg van een golfpark van bijna 70 hectare in Rotterdam. Terwijl Nederland worstelt met natuurherstel, wateropgaves en de druk op landbouwgrond, was SBB blijkbaar druk met het mede mogelijk maken van een golfbaan. Voor BBB roept dat vooral één vraag op: waarom besteedt een publieke natuurbeheerder zoveel energie aan een recreatief prestigeproject dat meer lijkt te passen bij een commerciële ontwikkelaar dan bij Staatsbosbeheer?
Landbouwgrond die verdwijnt zonder inzicht in de gevolgen
SBB breidt zijn terreinbezit jaarlijks uit, waarbij landbouwgrond regelmatig wordt omgevormd tot natuur of bos. BBB is tegen deze vorm van ontlandbouwing, en vindt dat de maatschappelijke impact hiervan nog steeds onvoldoende in beeld is. De fractie wil weten hoeveel landbouwgrond de afgelopen tien jaar via SBB is verdwenen, welke programma’s daarbij een rol speelden en wat dit betekent voor voedselzekerheid, productie en lokale agrarische economie.
Volgens BBB is het tijd voor een integrale analyse: wat heeft het omzetten van landbouw grond ons opgeleverd, en wat heeft het uiteindelijk aan agrarische productie verlies gekost, alsmede de extra kosten voor import en de extra beheerkosten?
Financiën die een mooier beeld schetsen dan de werkelijkheid
Op papier laat SBB in 2024 een klein positief resultaat zien. In werkelijkheid is dat resultaat alleen bereikt dankzij incidentele meevallers. Het onderliggende bedrijfsresultaat is opnieuw negatief. SBB erkent zelf dat de kosten en vergoedingen niet in balans zijn en dat dit pas vanaf 2027 moet verbeteren.
BBB vindt dat een zorgelijk signaal bij een organisatie die grotendeels leunt op belastinggeld. Volgens de fractie moet worden onderzocht of SBB structureel inefficiënt werkt of dat er simpelweg te veel taken op het bord zijn gelegd. Het jaarverslag geeft daar geen duidelijkheid over.
Te veel organisaties, te veel overhead
Nederland kent meerdere terreinbeherende organisaties, vaak met bijna identieke doelstellingen. In bijvoorbeeld Friensland kent men Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, It Fryske Gea en verschillende andere regionale organisaties die allemaal natuur beheren, met elk hun eigen bestuur, administratieve afdelingen en ondersteunende structuren. Volgens BBB is dit niet langer uit te leggen aan de belastingbetaler. De fractie pleit daarom voor meer bundeling, samenwerking of zelfs samenvoeging van ondersteunende onderdelen. Minder versnippering betekent meer geld voor natuur en minder voor overhead.
Meer mensen achter het bureau dan in het veld?
Steeds meer signalen bereiken BBB dat SBB zwaar leunt op kantoorfuncties, terwijl boswachters, veldmedewerkers en groene boa’s structureel tekortkomen. Dat staat haaks op het karakter van een uitvoeringsorganisatie. BBB wil een volledig overzicht van de personele verhouding en vraagt hoe het tekort aan toezicht en handhaving kan worden opgelost.
Samenwerken met boeren: van mooie woorden naar echte daden
SBB besteedt in het jaarverslag aandacht aan natuurinclusieve landbouw en langdurige pacht, maar volgens BBB blijft het bij goede bedoelingen. De fractie ziet grote kansen om agrariërs juist meer te betrekken bij beheer, bijvoorbeeld via pachtconstructies waarin natuur- en landschapsbeheer wordt verrekend met lagere pachtprijzen, of via beheermaatregelen die natuurkwaliteit en agrarische waarde tegelijk verhogen. BBB mist deze praktische aanpak in het huidige beleid en wil dat de staatssecretaris hier actief op gaat sturen.
De fractie wacht de antwoorden van de staatssecretaris af en blijft zich, net als de voorgaande jaren, inzetten voor een Staatsbosbeheer dat weer teruggaat naar de basis: natuurbeheer dat werkt, samenwerken met boeren en zonder golfbanen op publieke natuurgrond.
De inbreng van de fractie is hieronder te vinden.
Deel dit artikel
Staatsbosbeheer moet terug naar kerntaken en zuinig omgaan met publiek geld
De Tweede Kamerfractie van BBB heeft vrijdag schriftelijke vragen gesteld over het jaarverslag 2024 van Staatsbosbeheer (SBB). De fractie ziet steeds vaker dat SBB zich bezighoudt met projecten en keuzes die weinig te maken hebben met zijn kerntaak: het beheren van onze natuur op een doelmatige, transparante en publieke manier.
Een bijzonder sprekend voorbeeld daarvan is de grootschalige betrokkenheid van SBB bij de aanleg van een golfpark van bijna 70 hectare in Rotterdam. Terwijl Nederland worstelt met natuurherstel, wateropgaves en de druk op landbouwgrond, was SBB blijkbaar druk met het mede mogelijk maken van een golfbaan. Voor BBB roept dat vooral één vraag op: waarom besteedt een publieke natuurbeheerder zoveel energie aan een recreatief prestigeproject dat meer lijkt te passen bij een commerciële ontwikkelaar dan bij Staatsbosbeheer?
Landbouwgrond die verdwijnt zonder inzicht in de gevolgen
SBB breidt zijn terreinbezit jaarlijks uit, waarbij landbouwgrond regelmatig wordt omgevormd tot natuur of bos. BBB is tegen deze vorm van ontlandbouwing, en vindt dat de maatschappelijke impact hiervan nog steeds onvoldoende in beeld is. De fractie wil weten hoeveel landbouwgrond de afgelopen tien jaar via SBB is verdwenen, welke programma’s daarbij een rol speelden en wat dit betekent voor voedselzekerheid, productie en lokale agrarische economie.
Volgens BBB is het tijd voor een integrale analyse: wat heeft het omzetten van landbouw grond ons opgeleverd, en wat heeft het uiteindelijk aan agrarische productie verlies gekost, alsmede de extra kosten voor import en de extra beheerkosten?
Financiën die een mooier beeld schetsen dan de werkelijkheid
Op papier laat SBB in 2024 een klein positief resultaat zien. In werkelijkheid is dat resultaat alleen bereikt dankzij incidentele meevallers. Het onderliggende bedrijfsresultaat is opnieuw negatief. SBB erkent zelf dat de kosten en vergoedingen niet in balans zijn en dat dit pas vanaf 2027 moet verbeteren.
BBB vindt dat een zorgelijk signaal bij een organisatie die grotendeels leunt op belastinggeld. Volgens de fractie moet worden onderzocht of SBB structureel inefficiënt werkt of dat er simpelweg te veel taken op het bord zijn gelegd. Het jaarverslag geeft daar geen duidelijkheid over.
Te veel organisaties, te veel overhead
Nederland kent meerdere terreinbeherende organisaties, vaak met bijna identieke doelstellingen. In bijvoorbeeld Friensland kent men Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, It Fryske Gea en verschillende andere regionale organisaties die allemaal natuur beheren, met elk hun eigen bestuur, administratieve afdelingen en ondersteunende structuren. Volgens BBB is dit niet langer uit te leggen aan de belastingbetaler. De fractie pleit daarom voor meer bundeling, samenwerking of zelfs samenvoeging van ondersteunende onderdelen. Minder versnippering betekent meer geld voor natuur en minder voor overhead.
Meer mensen achter het bureau dan in het veld?
Steeds meer signalen bereiken BBB dat SBB zwaar leunt op kantoorfuncties, terwijl boswachters, veldmedewerkers en groene boa’s structureel tekortkomen. Dat staat haaks op het karakter van een uitvoeringsorganisatie. BBB wil een volledig overzicht van de personele verhouding en vraagt hoe het tekort aan toezicht en handhaving kan worden opgelost.
Samenwerken met boeren: van mooie woorden naar echte daden
SBB besteedt in het jaarverslag aandacht aan natuurinclusieve landbouw en langdurige pacht, maar volgens BBB blijft het bij goede bedoelingen. De fractie ziet grote kansen om agrariërs juist meer te betrekken bij beheer, bijvoorbeeld via pachtconstructies waarin natuur- en landschapsbeheer wordt verrekend met lagere pachtprijzen, of via beheermaatregelen die natuurkwaliteit en agrarische waarde tegelijk verhogen. BBB mist deze praktische aanpak in het huidige beleid en wil dat de staatssecretaris hier actief op gaat sturen.
De fractie wacht de antwoorden van de staatssecretaris af en blijft zich, net als de voorgaande jaren, inzetten voor een Staatsbosbeheer dat weer teruggaat naar de basis: natuurbeheer dat werkt, samenwerken met boeren en zonder golfbanen op publieke natuurgrond.
De inbreng van de fractie is hieronder te vinden.